Door Shanna Pettens

Tegenstanders beweren al decennialang dat cannabis hersencellen doodt. Ondanks dat recent onderzoek het tegendeel bewees, is deze misvatting wijdverbreid en leidt ze nog steeds tot vooroordelen en ongegronde angst. Net als ik vraag je je misschien af hoe deze fabel ontstaan is.

In de zoektocht naar antwoorden neem ik je mee naar de Verenigde Staten van de jaren zeventig voor een relatief recent stukje cannabisgeschiedenis dat doorspekt is met onorthodoxe onderzoeksmethoden, eenzijdige conclusies en politieke belangen. 

Hersenschade bij resusapen

In 1974 vroeg de pers aan de toenmalige gouverneur van Californië, Ronald Reagan, om een standpunt in te nemen in verband met het decriminaliseren van cannabis. Hij antwoordde dat ‘de meest betrouwbare wetenschappelijke bronnen’ stelden dat permanente hersenschade een onvermijdelijk gevolg van cannabisgebruik was.

Reagan verwees naar het rapport van Dr. Heath dat eerder dat jaar gepubliceerd was naar aanleiding van zeer dieronvriendelijke proeven met resusapen waarbij de proefdieren gedwongen werden om cannabis te roken. Tijdens die studie bonden de onderzoekers de apen vast in een stoel en deden hen een gasmasker om. Vervolgens pompten ze een grote hoeveelheid cannabisrook in het masker.

Het negatieve effect van de intensieve blootstelling aan de rook werd al snel duidelijk en na verloop van tijd overleden de proefdieren. Na hun dood werd er een dissectie van de hersenen uitgevoerd waarbij de dode hersencellen geteld werden.

Om het effect van cannabis op de hersenen goed te kunnen inschatten moesten de onderzoekers hun vaststellingen vergelijken met proefdieren uit de controlegroep die niet aan cannabis blootgesteld waren. Om de hersenen van de ‘niet-gebruikende’ apen te kunnen bestuderen werden gezonde proefdieren gedood, waarna er eveneens een dissectie van hun hersenen plaatsvond.

Het onderzoeksteam onder leiding van Dr. Heath stelde vast dat de cannabis rokende apen een enorm aantal dode hersencellen hadden in vergelijking met de niet-rokende proefdieren. Volgens het rapport was het cannabisgebruik het enige verschil tussen beide groepen. 

De onderzoekers concludeerden dat de vastgestelde hersenschade enkel aan het cannabisgebruik te wijten kon zijn. De resultaten van de studie werden vervolgens doorgetrokken naar mensen en dat leidde tot de aanname dat cannabis een reëel gezondheidsrisico vormde.

Verstikking en CO-vergiftiging als werkelijke oorzaak

In 1980 kreeg de National Organisation for the Reform of Marijuana Laws (afgekort NORML) na zes jaar procederen eindelijk de toestemming om het beruchte rapport in te kijken. De organisatie, die zich al sinds 1970 inzet voor de legalisering van cannabis voor zowel medisch als niet-medisch gebruik, huurde onderzoekers in om de gerapporteerde resultaten en de gebruikte methodologie onder de loep te nemen.

Al gauw bleek dat de gasmaskers die de apen tijdens de proeven droegen geen rook verloren, waardoor de proefdieren de uitgeademde rook opnieuw inademden en zo te weinig zuurstof binnenkregen. Zuurstofgebrek veroorzaakt al na enkele minuten hersenschade en kan dus het grote aantal dode hersencellen bij de proefdieren verklaren. 

De onderzoekers van de NORML ontdekten bovendien dat de apen tijdens de proeven niet enkel cannabisrook, maar ook koolstofmonoxide (CO) inademden. CO staat bekend als een sluipmoordenaar. Het kleur- en geurloze gas wordt afgegeven door ieder brandend voorwerp en doodt bij inademing hersencellen. In het onderzoeksrapport van Dr. Heath werd deze parameter nergens vermeld.

De door NORML aangestelde wetenschappers concludeerden dat het afsterven van de hersencellen bij de proefdieren meer te maken had met zuurstofgebrek en CO-vergiftiging dan met cannabis. Het feit dat deze factoren in Dr. Heaths rapport volledig buiten beschouwing gelaten werden, had een negatieve impact op de geloofwaardigheid. 

De kans dat Dr. Heath bepaalde parameters opzettelijk uit zijn verslag wegliet, is groot. Inmiddels is aan het licht gekomen dat onderzoek naar de schadelijke effecten van cannabis destijds door overheidsbureaucraten gesponsord werd. We kunnen dus stellen dat de resultaten van zulke studies vaak ‘gekleurd’ waren door politieke belangen.

Recenter onderzoek toont het positieve effect van cannabinoïden op de hersenen aan

In het begin van de 21ste eeuw werd het effect van cannabis op de hersenen opnieuw bestudeerd. In tegenstelling tot wat er voordien beweerd werd, is gebleken dat zowel THC als CBD het ontstaan van nieuwe zenuw- en hersencellen stimuleren.

De celgroei vindt plaats in hersengebieden die geassocieerd worden met leren en geheugen, alsook met angst en depressie.

In een volgend artikel zal ik hier dieper op ingaan…

Sneller verlost van een blaasontsteking dankzij medicinale cannabis

Door Shanna Pettens

Vaker moeten plassen, een branderig gevoel, pijn in de onderbuik of rug… Veel lezeressen weten bij het lezen van deze symptomen meteen waarover ik het heb. Blaasontsteking komt maar liefst vijftig keer vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Ongeveer de helft van alle vrouwen krijgt in de loop van haar leven minstens één keer een blaasontsteking. Bij mannen is dat ongeveer 1%. 

Medicinale cannabis bij blaasontsteking

Dat vrouwen zoveel vatbaarder zijn dan mannen heeft te maken met onze anatomie. Bijna alle blaasontstekingen worden veroorzaakt door darmbacteriën.

Bij vrouwen is de plasbuis korter en de afstand tussen de anus en de plasbuis kleiner. Daardoor komen de bacteriën die blaasontsteking veroorzaken gemakkelijker via de anus en de plasbuis in de blaas terecht.

The honeymoon disease

Blaasontsteking wordt ook wel eens de ‘honeymoon disease’ genoemd. De infectie dankt zijn romantisch klinkende bijnaam aan het verband tussen blaasontsteking en seks. Omdat de plasbuis, vagina en anus bij vrouwen dicht bij elkaar liggen, kunnen bacteriën tijdens een vrijpartij gemakkelijk in de opening van de plasbuis terechtkomen. 

Darmbacteriën die in de vagina belanden worden vrij snel geneutraliseerd door de zure bacteriën die daar aanwezig zijn. De plasbuis heeft dit verdedigingsmechanisme echter niet. Via deze weg geraken bacteriën gemakkelijk in de blaas. Daar hechten ze zich vast aan de blaaswand en veroorzaken ze een infectie.

Andere minder vaak voorkomende oorzaken van blaasontsteking zijn het gebruik van bepaalde medicijnen, een verminderde weerstand en afwijkingen aan de urinewegen, waardoor de blaas niet volledig leeg geplast wordt. De urine die dan in de blaas achterblijft, vormt een broeihaard voor bacteriën.

In tegenstelling tot wat veel mensen denken, wordt blaasontsteking niet veroorzaakt door kou. Je warm aankleden zal je dus niet beschermen. Blaasinfecties zijn niet seizoensgebonden. Uit cijfers blijkt zelfs dat ze vaker voorkomen in de zomer dan in de winter. 

Voldoende water en gezonde voeding

Hoeveel risico je loopt om een blaasontsteking te krijgen, hangt deels af van wat je eet en drinkt. Om de kans op een infectie te verkleinen is het vooral belangrijk om voldoende water te drinken. Meer drinken betekent immers meer plassen. Hoe vaker de blaas gevuld en geledigd wordt, hoe minder tijd de bacteriën hebben om zich te vermenigvuldigen.

Veel groenten en fruit eten en suikerrijke voeding en drank vermijden zijn veelgehoorde gezondheidsadviezen. Terecht, want wat je eet en drinkt bepaalt de zuurtegraad (pH) van je urine en een lage pH-waarde (zure urine) wordt in verband gebracht met een hoger risico op het ontstaan van blaasontstekingen.

Zure waarden worden gemeten na het eten of drinken van sterk zuurvormend voedsel, zoals granen, vis, frisdrank, eiwitrijke en suikerrijke voeding. Volgens sommige bronnen zouden ook alcohol en cafeïne een ongunstig effect hebben op de zuurtegraad. Omgekeerd wordt urine meer basisch (minder zuur) door meer groenten, fruit en noten te eten

Medicinale cannabis bij blaasontsteking

Ontstekingsremmende werking van medicinale cannabis

Medicinale cannabis heeft een dubbele werking bij infecties: enerzijds vermindert het de ontsteking en anderzijds verlicht het de pijn die door de ontsteking veroorzaakt wordt. Dat komt omdat de werkzame stoffen van medicinale cannabis, CBD en het psychoactieve THC, inwerken op ons endocannabinoïde systeem (ECS). Dit systeem reguleert verschillende processen in ons lichaam, waaronder onze immuniteit en pijnrespons.

Ons ECS bestaat uit twee soorten receptoren: de CB1- en de CB2-receptoren. THC bindt zich aan CB1 en CBD hecht zich aan CB2. Beide types receptoren komen voor in onze immuuncellen, waardoor zowel THC als CBD een gunstig effect op de immuunrespons hebben.

Veelbelovende onderzoeksresultaten

We weten ondertussen dat de fytocannabinoïden uit de cannabisplant een positieve invloed op ontstekingen in het algemeen hebben, maar verlicht medicinale cannabis ook specifiek de symptomen van een blaasontsteking? 

Het antwoord is meer dan waarschijnlijk ‘ja’. Hoewel de hypothese nog niet uitgebreid onderzocht is bij mensen, leverde onderzoek met proefdieren veelbelovende resultaten op. Wetenschappers van de Universiteit van Winconsin-Madison bestudeerden het ziekteverloop van muizen die opzettelijk besmet waren met een bacterie die blaasontsteking veroorzaakt.

De onderzoekers stelden vast dat de muizen die met cannabinoïden behandeld werden sneller herstelden dan hun soortgenoten die geen cannabinoïden toegediend kregen. Ze maten onder meer de diameter van de urinevlekken van vrij rondlopende proefdiertjes en konden op die manier vaststellen dat de muizen die met cannabinoïden behandeld werden minder frequent, maar grotere hoeveelheden plasten. Uit andere tests kon afgeleid worden dat ze minder pijn hadden dan de muizen uit de controlegroep.  

Muizen zijn uiteraard geen mensen, maar het zijn ook zoogdieren en ze hebben een ECS. Het is dan ook aannemelijk dat onze cannabinoïde-receptoren op dezelfde manier reageren en dat medicinale cannabis ook bij mensen ingezet kan worden om de symptomen van een blaasontsteking te verlichten en de infectie sneller te doen genezen.

Bestrijd je winterdip met THC-olie

Door Shanna Pettens

De winter is altijd mijn minst favoriete seizoen geweest. Niet meteen het vrolijkste statement om mijn eerste artikel van 2022 mee te beginnen, maar het is nu eenmaal zo. De maand december vind ik nog feestelijk en gezellig, maar zodra de kerstversiering is opgeborgen en de lichtjes uit het straatbeeld verdwenen zijn, mag het wat mij betreft snel weer lente worden.

Blijkbaar ben ik niet de enige die reikhalzend uitkijkt naar hogere temperaturen en meer uren licht. Meer dan één op de tien personen heeft last van een winterdip. Tijdens de donkere tijd van het jaar voelen ze zich somber en futloos. Ze hebben een grote behoefte aan comfort food en zijn amper vooruit te branden. 

Bij zo’n drie procent van de bevolking zijn de klachten zo ernstig dat er sprake is van een seizoensgebonden depressie of een zogenaamde ‘winterdepressie’.

Winterdepressie versus ‘gewone’ depressie

Een winterdepressie of seizoensgebonden depressie wordt vaak verward met een ‘gewone’ depressie. Begrijpelijk, want de symptomen zijn gelijkaardig. Net als bij een niet-seizoensgebonden depressie voelt de patiënt zich lusteloos en vermoeid. Daarnaast heeft hij of zij stemmingswisselingen en de neiging om zich terug te trekken en sociale contacten te vermijden.

Er zijn echter ook belangrijke verschillen. Bij een winterdepressie verdwijnen de symptomen als sneeuw voor de zon (pun intented) zodra het lente wordt. Bovendien heeft iemand met een seizoensgebonden depressie vaak een grotere eetlust dan gewoonlijk, terwijl patiënten met een ‘gewone’ depressie amper een hap door hun keel krijgen. 

Tot slot hebben mensen met een niet-seizoensgebonden depressie vaak moeite om in te slapen door hun voortdurend malende gedachtestroom. Patiënten met een winterdepressie hebben dan weer de neiging om meer te slapen dan normaal.

Genderongelijkheid

Winterdepressie komt vier keer vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Tot nu toe hebben wetenschappers hier nog geen sluitende verklaring voor gevonden, maar ze vermoeden dat de vrouwelijke hormonen er iets mee te maken hebben.

Gezonde levensstijl

Bij het behandelen van – al dan niet seizoensgebonden – depressieve klachten ligt de nadruk in eerste instantie op een gezonde levensstijl.

Regelmatig bewegen (liefst buiten en bij daglicht) en gezond eten met voldoende vitaminen en mineralen helpen je al een heel eind op weg. Een vitamine D-supplement kan ondersteuning bieden, net als lichttherapie.

Suiker, cafeïne en alcohol kan je dan weer beter vermijden. Hoewel een suikerrijke snack, een mok sterke koffie of een energiedrankje je een tijdelijke opkikker kunnen geven, veroorzaken ze grote pieken en dalen in je energiepeil, waardoor je je uiteindelijk nog vermoeider voelt. 

Alcohol helpt je te ontspannen en zorgt ervoor dat je sneller inslaapt, maar heeft een negatief effect op de slaapkwaliteit, waardoor je ’s ochtends minder fris en helder bent. 

THC-olie als natuurlijk antidepressivum

Heb je ondanks de bovenstaande tips nog steeds een gebrek aan energie en/of last van stemmingswisselingen, dan kan THC-olie soelaas bieden. Zoals ik in mijn vorige artikels reeds uitlegde werkt THC, het psychoactieve bestanddeel van de cannabisplant, in op het endocannabinoïde systeem (ECS).

Dit systeem reguleert verschillende processen in het lichaam, waaronder de weerstand, het slaappatroon en de emoties.

Door bepaalde omstandigheden, waaronder een (seizoensgebonden) depressie, kan het ECS uit balans geraken. In zulke gevallen kunnen plantaardige cannabinoïden (fytocannabinoïden) helpen om het evenwicht te herstellen. Onze cannabinoïde receptoren reageren namelijk hetzelfde op cannabinoïden die afkomstig zijn van de cannabisplant als op de lichaamseigen neurotransmitters die het ECS ondersteunen.

THC staat erom bekend dat het stress verlicht en het humeur verbetert. Patiënten die THC-olie gebruiken geven aan dat ze minder depressieve klachten en angstige gevoelens ervaren. Door een verbeterde slaapkwaliteit worden ze ’s ochtends uitgeruster wakker, waardoor ze overdag meer energie hebben.