Uit verschillende studies is gebleken dat THC-olie heel effectief is bij de behandeling van zogenaamde ‘vrouwenkwalen’, variërend van PMS over pijnlijke menstruatiekrampen tot overgangsklachten. 

Veel van die ongemakken worden veroorzaakt door een hormonale disbalans. Zoals we weten speelt het endocannabinoïde systeem (ECS) een belangrijke rol bij de hormoonhuishouding. Bovendien verlicht THC-olie de pijnklachten die vaak met zulke aandoeningen gepaard gaan. 

In onderstaand artikel ga ik dieper in op het polycysteus-ovariumsyndroom, afgekort PCOS. Ik vertel je wat de aandoening precies inhoudt, wat de mogelijke oorzaken zijn en hoe THC-olie kan helpen om het hormonale evenwicht te herstellen en de ongemakken waarmee patiëntes kampen te verminderen.

PCOS is een gynaecologische aandoening die wereldwijd naar schatting één op de vijftien vrouwen treft. De naam omschrijft letterlijk wat de stoornis inhoudt, namelijk dat er zich meerdere (poly) vochtblaasjes (cysten) in de eierstok (ovarium) bevinden.

Vooral de grotere cysten kunnen pijn in het bekkengebied, de onderbuik en de onderrug veroorzaken. 

Om uit te leggen wat er bij PCOS misloopt, is het belangrijk om te weten wat er tijdens een normale menstruatiecyclus gebeurt:

In de eerste helft van de cyclus ontstaan er enkele follikels of vochtblaasjes in de eierstokken. Gewoonlijk ontwikkelt slechts één blaasje zich verder. In deze fase wordt het hormoon LH aangemaakt om de rijping van de follikel te bevorderen. 

Wanneer het vochtblaasje volgroeid is, knapt het en komt er een eicel vrij die vervolgens via de eileider naar de baarmoeder gaat. Dit punt in de menstruatiecyclus noemen we de ovulatie of de eisprong.

In de tweede helft van de menstruatiecyclus wordt er overwegend progesteron geproduceerd. Dit hormoon bereidt het lichaam voor op de innesteling van een embryo. Wanneer er geen bevruchting heeft plaatsgevonden, volgt de menstruatie circa veertien dagen na de ovulatie. 

Bij vrouwen die aan PCOS lijden komen de in de eierstok gevormde follikels moeilijk tot groei en ovulatie. Wanneer er geen eisprong plaatsvindt, blijven de onrijpe follikels in de eierstok aanwezig. 

Op die manier ontstaan er cysten. Het uitblijven van de ovulatie veroorzaakt een onregelmatige menstruatiecyclus – PCOS-patiëntes menstrueren minder vaak of zelfs helemaal niet – en bijgevolg een verminderde vruchtbaarheid. 

Insulineresistentie en hormonale disbalans

PCOS ontstaat meestal door insulineresistentie. Insuline is een hormoon dat aangemaakt wordt in de alvleesklier en ervoor zorgt dat glucose (suiker) omgezet wordt naar energie. De afgifte van insuline wordt bepaald door de glucoseconcentratie in ons bloed, ook wel de bloedsuikerspiegel genoemd. 

Suiker en geraffineerde koolhydraten veroorzaken een insulinepiek, gevolgd door een onvermijdelijke dip die ons opnieuw naar suiker doet verlangen.

Insulineresistentie ontstaat wanneer het lichaam gedurende een lange periode te veel insuline aanmaakt. Op de duur worden de receptoren als het ware ongevoelig – of resistent – voor het hormoon. Als gevolg daarvan wordt glucose minder goed in de lichaamscellen opgenomen, waardoor de bloedsuikerspiegel op termijn gaat stijgen. 

Een verminderde gevoeligheid voor insuline kan niet alleen diabetes type 2 veroorzaken, maar ook de hormonale balans verstoren. Onbehandelde insulineresistentie wordt namelijk in verband gebracht met hogere testosteronconcentraties. 

Symptomen van een te hoog testosterongehalte bij vrouwen zijn onder andere niet-leeftijdsadequate acné en overtollige haargroei, voornamelijk op de borst en in het gezicht. 

Vicieuze cirkel

Wetenschappers zijn het erover eens dat er verband bestaat tussen PCOS en een hormonaal onevenwicht, aangezien de aandoening in veel gevallen gepaard gaat met te hoge testosteronwaarden en oestrogeendominantie (ten opzichte van progesteron). 

Het is echter onduidelijk of deze disbalans als een oorzaak of een gevolg beschouwd moet worden. Vermoedelijk is er sprake van een vicieuze cirkel. 

PCOS werkt te hoge testosteronconcentraties in de hand door een te grote aanmaak van het hormoon LH. Bij een normale menstruatiecyclus wordt het hormoon enkel tijdens de eerste helft van de cyclus aangemaakt.

Omdat er bij PCOS-patiëntes minder vaak een eisprong plaatsvindt, wordt er bijna voortdurend LH geproduceerd. Het teveel aan LH stimuleert de testosteronproductie in de eierstokken.

Daarnaast zijn er twee mechanismes die oestrogeendominantie ten opzichte van progesteron veroorzaken. Enerzijds wordt het teveel aan testosteron gedeeltelijk omgezet naar oestrogeen. Deze omzetting vindt ondermeer plaats in de vetcellen. 

Hoe meer vetcellen er aanwezig zijn, hoe meer testosteron er kan omgezet worden. Tegelijkertijd resulteert oestrogeendominantie in vetopslag, waardoor het hormonale onevenwicht zichzelf in stand houdt. 

Anderzijds is de verhouding tussen oestrogeen en progesteron verstoord, omdat progesteron een hormoon is dat overwegend in de tweede helft van de menstruatiecyclus – dus na de eisprong – aangemaakt wordt. Wanneer er geen ovulatie plaatsvindt, wordt er minder progesteron geproduceerd.

De drievoudige werking van THC-olie

THC-olie heeft een gunstig effect op maar liefst drie risicofactoren die in verband gebracht worden met het ontstaan van PCOS, namelijk insulineresistentie, overgewicht en een hormonale disbalans. 

Ten eerste verhoogt THC de insulinegevoeligheid. Dit vermindert overigens niet alleen het risico op PCOS, maar ook op diabetes type 2. 

Daarnaast verhoogt de cannabinoïde het metabolisme, wat bijdraagt aan het behoud van een gezond gewicht. 

Tot slot heeft het psychoactieve bestanddeel van cannabis een gunstig effect op de hormoonbalans.

Minder pijn en depressieve klachten

PCOS gaat vaak gepaard met pijn in het bekkengebied, de onderbuik en de onderrug. Bij een aanzienlijk aantal patiëntes veroorzaakt deze aanhoudende pijn op termijn depressieve gevoelens. THC-olie staat bekend om zijn pijn verlichtende werking én heeft een positief effect op het humeur.

Tekst: Shanna Pettens

Een jaar of twintig geleden hadden de meesten onder ons nog nooit van auto-immuunziekten gehoord, maar tegenwoordig kent vrijwel iedereen wel iemand die aan zo’n ziekte lijdt. Bovendien lijken er voortdurend nieuwe aandoeningen op te duiken. Is dit slechts een indruk omdat er meer aandacht aan het fenomeen besteed wordt of neemt het aantal patiënten daadwerkelijk toe?

Auto-immuunaandoeningen vormen een steeds groter maatschappelijk probleem, bevestigt het in het Zuid-Hollandse Lisse gevestigde Functioneel Neurologisch Instituut dat gespecialiseerd is in de behandeling van mensen met neurologische aandoeningen en onverklaarbare klachten.

Naar schatting lijden er momenteel zo’n 500.000 tot één miljoen Nederlanders aan één of andere auto-immuunziekte en de kans is reëel dat dit aantal de komende decennia verder zal oplopen.

Daarnaast wordt de lijst van bekende auto-immuunziekten alsmaar langer. Waar het twee decennia geleden nog om een twintigtal aandoeningen ging, zijn er de dag van vandaag maar liefst 156 registreerde auto-immuunziekten. 

Wat zijn auto-immuunziekten precies?

Om uit te leggen wat auto-immuunziekten precies zijn, is het belangrijk om te weten hoe een gezond immuunsysteem functioneert. Ons immuun- of afweersysteem bestaat uit een grote groep cellen en eiwitten die overbodige celresten opruimen en infecties bestrijden. 

Het opruimen van lichaamseigen celresten gebeurt dagelijks en meestal zonder dat we er iets van merken. Wanneer er sprake is van een infectie gaat dat ‘opruimen’ echter gepaard met onstekingssymptomen zoals koorts, zwelling, roodheid of pijn. 

Een goed werkend afweersysteem is in staat om een onderscheid te maken tussen ziekteverwekkers en lichaamseigen cellen. Wanneer het bacteriën, virussen, schimmels of parasieten opmerkt, maakt het antistoffen aan om de indringers onschadelijk te maken.

Het sleutelwoord voor een goed functionerend immuunsysteem is balans. Bij een besmetting moet het snel en daadkrachtig ingrijpen, maar zodra de ziekteverwekkers onschadelijk gemaakt zijn, moet de afweerreactie gestopt worden. Wanneer dit niet of te laat gebeurt, kunnen er lichaamseigen cellen vernietigd worden, waardoor er weefselschade kan ontstaan. 

Bij personen met een ‘verzwakte weerstand’ – bijvoorbeeld ouderen of patiënten die een chemokuur ondergaan – wordt dit mechanisme onvoldoende geactiveerd, waardoor ze vatbaarder zijn voor infecties.

Bij patiënten met een auto-immuunaandoening gaat er tijdens dit proces iets fout. Bij sommige vormen van auto-immuunziekten wordt de afweerreactie onvoldoende afgeremd, waardoor er naast schadelijke cellen ook goed werkende lichaamseigen cellen opgeruimd worden. Hierdoor geraakt het orgaan waarin deze cellen zich bevinden beschadigd.  

Bij andere vormen van auto-immuunziekten ontstaan er bij het opruimen van overbodige cellen ontstekingsreacties. Aangezien celvernieuwing een continu proces is, kunnen er op die manier chronische ontstekingen ontstaan. 

De constante aanwezigheid van ontstekingen binnenin het lichaam heeft een schadelijke invloed op de fysieke en mentale gezondheid en kan hart- en vaatziekten, kanker, artritis en zelfs depressies veroorzaken.   

De rol van het endocannabinoïde systeem (ECS) bij de regulatie van het immuunsysteem 

Een onderzoeksteam onder leiding van Dr. Prakash Nagarkatti toonde aan dat een regelmatige toediening van THC bestaande ontstekingen kan stoppen én het ontstaan van nieuwe ontstekingen kan voorkomen. De bevindingen werden gepubliceerd in het vaktijdschrift Future Medicinal Chemistry. 

Bron: Cannabinoïden als nieuwe ontstekingsremmende geneesmiddelen | Toekomstige medicinale chemie (future-science.com)

De onderzoekseenheid ging uit van een verband tussen het immuunsysteem en het endocannabinoïde systeem (ECS). Deze veronderstelling werd ondersteund door de aanwezigheid van zowel CB1- als CB2-receptoren op de immuuncellen. Dit suggereert namelijk dat cannabinoïden een rol spelen bij de regulatie van het afweersysteem. 

De ontstekingsremmende werking van THC

Dierproeven wezen uit dat de toediening van THC aan muizen een duidelijke apoptose veroorzaakte. De cannabinoïde zorgt er met ander woorden voor dat zieke en defecte cellen vernietigd worden. De onderzoekers gaan ervan uit dat deze vaststelling ook voor mensen geldt. 

Andere studies toonden dan weer aan dat de psychoactieve component van cannabis de productie van chemokine en cytokine afremt. Dit zijn de eiwitmoleculen die ontstekingsreacties in het lichaam veroorzaken. Wanneer er minder van deze enzymen afgescheiden worden, vinden er minder ontstekingsreacties plaats. 

De meest frappante ontdekking was echter dat THC niet alleen nieuwe ontstekingen voorkomt, maar ook bestaande schade door afweerreacties kan herstellen! Dit betekent dus dat exogene (niet-lichaamseigen) cannabinoïden kunnen ingezet worden als ontstekingsremmend middel bij de behandeling van bepaalde ontstekings- en auto-immuunziekten.  

De vaststellingen van Dr. Prakash Nagarkatti en zijn team klinken veelbelovend voor personen met auto-immuunziekten voor wie er momenteel geen geschikte behandeling bestaat. Het voorkomen van nieuwe ontstekingen en het mogelijke herstel van bestaande orgaanschade als gevolg van ontstekingsreacties zou immers een grote impact hebben op de levenskwaliteit van deze patiënten. 

Tekst: Shanna Pettens

Vrijwel iedereen kent gelukkige en minder gelukkige periodes in zijn of haar leven. In de meeste gevallen hebben deze veranderingen in de gemoedstoestand een duidelijke oorzaak. Door een ontslag of het verlies van een dierbare kunnen we bijvoorbeeld een donkere periode doormaken, terwijl we juist op wolkjes lopen als we verliefd zijn of een fijne nieuwe baan hebben.

Zo’n 2,5% van de bevolking vervalt echter zonder reden van het ene uiterste in het andere qua stemming. Soms denken deze personen dat ze de hele wereld aankunnen, terwijl ze zich op andere momenten juist heel somber en lusteloos voelen. Wanneer geen fysieke oorzaak gevonden wordt voor deze stemmingswisselingen, kan er sprake zijn van een bipolaire stoornis.

Een bipolaire of manisch-depressieve stoornis is een ernstige psychiatrische aandoening waarbij de stemming van de patiënt wisselt tussen twee uitersten, namelijk zware depressie en (hypo)manie. De term ‘bipolair’ verwijst dus naar de extremen, of polen, die elkaar afwisselen. Daarnaast kan de patiënt ook ‘normale’ periodes hebben waarin zijn of haar stemming stabiel is. 

Om als bipolair gediagnosticeerd te worden moet je minstens één episode van (hypo)manie beleefd hebben in combinatie met een depressieve periode. Bij vier of meer ziekte-episodes per jaar is er sprake van ‘rapid cycling’ oftewel snelle wisseling. 

Bipolaire stoornissen komen in alle lagen van de bevolking voor. De symptomen komen meestal tot uiting tussen het 25ste en het 50ste levensjaar. Naar schatting treft de aandoening evenveel mannen als vrouwen, maar de manier waarop ze zich manifesteert lijkt wel te verschillen tussen beide geslachten. Bij vrouwen is het depressieve aspect meestal dominant, terwijl mannen juist meer manische episodes lijken te ervaren. 

Twee uitersten

Manie en hypomanie

Een manie is een periode van minimaal één week waarin tenminste drie van de onderstaande kenmerken voorkomen:

  • Veel energie
  • Minder behoefte aan slaap
  • Moeite met concentreren
  • Grootheidswaanzin
  • Overdreven positief zelfbeeld
  • Prikkelbaarheid
  • Moeite met concentreren
  • Chaotische gedachten
  • Toename van risicogedrag 

Aangezien een manie gepaard kan gaan met roekeloos gedrag, kunnen patiënten tijdelijk opgenomen worden. Een bipolaire stoornis waarbij periodes van depressie en manie elkaar afwisselen wordt een ‘bipolaire stoornis type 1’ genoemd.

Hypomanie is een minder ernstige vorm van manie. Een dergelijke episode duurt gewoonlijk korter dan een ‘echte’ manie – een hypomanie kan al na één dag voorbij zijn – en de symptomen zijn minder extreem. Een bipolaire stoornis die gepaard gaat met periodes van depressie en hypomanie wordt een ‘bipolaire stoornis type 2’ genoemd.

Bipolaire depressie

Een bipolaire depressie – dit is een depressieve episode die voorkomt in combinatie met minstens één vlaag van (hypo)manie – duurt minstens twee weken en wordt gekenmerkt door minstens vijf van de volgende symptomen: 

  • Veranderingen in slaappatroon
  • Vermoeidheid
  • Rusteloosheid
  • Veranderingen in eetpatroon
  • Neerslachtigheid
  • Concentratiestoornissen
  • Besluiteloosheid
  • Negatief zelfbeeld
  • Weinig plezier beleven aan activiteiten die gewoonlijk als prettig ervaren worden
  • Zelfmoordgedachten

Risicofactoren

In principe kan iedereen een bipolaire stoornis krijgen, maar sommige mensen lopen meer risico dan andere. Erfelijkheid schijnt een belangrijke rol te spelen. Zo zouden kinderen van bipolaire ouders 10 tot 50% kans hebben om in de loop van hun leven een bipolaire stoornis te ontwikkelen. Bij de algemene bevolking bedraagt dit risico ongeveer één op vijfentwintig.

Je genen heb je helaas niet in de hand, maar je levensstijl gelukkig wel. Gezonde slaap- en eetgewoonten hebben niet alleen een positieve invloed op de lichamelijke, maar ook op de geestelijke gezondheid. Daarnaast wordt aangeraden om stress zoveel mogelijk te vermijden, aangezien dit vaak een impact heeft op het slaappatroon en een ongezonde levensstijl in de hand werkt. Mensen die onder grote druk staan zijn immers eerder geneigd om naar ‘troostvoedsel’, alcohol of drugs te grijpen.

Nadelen van psychofarmaca

De behandeling van bipolaire stoornissen is gericht op het verlichten van de symptomen, want de aandoening zelf is niet te genezen. In de meeste gevallen schrijven de behandelende artsen psychofarmaca voor om stabiliteit te bereiken en te behouden, al dan niet in combinatie met psycho- of gedragstherapie. 

Aan het gebruik van psychofarmaca zijn echter nadelen verbonden: bij sommige patiënten kunnen de voorgeschreven geneesmiddelen de symptomen niet of onvoldoende controleren, er kunnen ongewenste neveneffecten optreden en in vele gevallen moet de medicatie voor een lange periode – zo niet levenslang – ingenomen worden, omdat het risico op herval aanwezig blijft.

Medicinale cannabis als natuurlijk alternatief

Uit anekdotische rapporten blijkt dat cannabisgebruik relatief vaak voorkomt bij patiënten met een bipolaire stoornis. Op basis daarvan vermoedden sommige onderzoekers aanvankelijk dat er een verband bestond tussen cannabis en het ontstaan van de aandoening, maar dat bleek onjuist. In tegendeel zelfs, patiënten met een bipolaire stoornis die cannabis gebruiken geven aan dat ze juist een positieve invloed op de symptomen ondervinden.

In 2017 onderzocht een Brits onderzoeksteam onder leiding van professor C.H. Ashton de invloed van cannabis op de symptomen van een bipolaire stoornis. Hieruit bleek dat medicinale cannabis zowel de symptomen van depressie als van manie kan verlichten. Zowel THC als CBD werken ontspannend en kunnen depressieve gevoelens en angstigheid verminderen. Bovendien zijn er aanwijzingen dat beide cannabinoïden eveneens antipsychotische effecten uitoefenen. 

Bron: Cannabinoïden bij bipolaire affectieve stoornis: een overzicht en bespreking van hun therapeutisch potentieel – PubMed (nih.gov)

Dit is goed nieuws voor patiënten met een bipolaire stoornis bij wie psychofarmaca niet het gewenste effect hebben of die veel bijwerkingen ondervinden. Voor hen kan medicinale cannabis of wietolie soelaas bieden. 

Tekst: Shanna Pettens

Marilyn Monroe
Marilyn Monroe

Als er tijdens een quiz gevraagd zou worden ‘Wat weet je over Marilyn Monroe?’ zouden de meeste kandidaten het over haar films, de iconische foto boven het luchtrooster of haar vermeende affaire met president Kennedy hebben. Het feit dat de legendarische en veel te jong overleden filmster aan endometriose leed en daardoor ongewild kinderloos bleef is waarschijnlijk minder bekend.

De actrice was waarschijnlijk de bekendste, maar spijtig genoeg lang niet de enige endometriosepatiënte. De pijnlijke gynaecologische aandoening treft wereldwijd ongeveer 10 à 15% van de vrouwen in de vruchtbare levensfase. In Nederland alleen al gaat het om ruim 400.000 patiëntes. 

De ziekte treedt op wanneer het slijmvlies dat zich normaal enkel aan de binnenkant van de baarmoeder bevindt ook daarbuiten begint te groeien. Het weefsel reageert op hormonale veranderingen gedurende de menstruatiecyclus alsof het zich in de baarmoeder bevindt. Dit veroorzaakt (heftige) pijn en gaat vaak gepaard met chronische ontstekingsreacties. 

Daarbovenop kan het buitenbaarmoederlijke weefsel de eileiders, eierstokken en baarmoederwand aantasten en zelfs de nier-, blaas- en darmfunctie verstoren. Ongeveer de helft van de patiëntes krijgt te maken met vruchtbaarheidsproblemen.

Endometrioseklachten komen voornamelijk voor bij vrouwen in de leeftijdscategorie van dertig tot vijvenveertig jaar. Circa 15% van de patiëntes is jonger dan dertig. Uit onderzoek blijkt echter dat het weefsel dat verantwoordelijk is voor deze klachten al op veel jongere leeftijd aanwezig kan zijn. Zo kunnen er bij tienermeisjes endometriale implantaten aangetroffen worden, terwijl ze er op dat moment nog geen hinder van ondervinden. Vermoedelijk gaan er jaren overheen voordat het slijmvlies dat buiten de baarmoeder groeit ook daadwerkelijk voor problemen zorgt. 

Endometriose versus pijnlijke maandstonden

THC-olie bij endometriose

Maandstonden zijn geen pretje. Een recente omvraag van het Radboud UMC waaraan ruim 42 000 Nederlandse vrouwen deelnamen bevestigt dit. Maar liefst 85% van de respondenten gaf aan maandelijks menstruatiepijn te hebben.

Bij één derde zou de pijn zo hevig zijn dat het dagelijkse functioneren erdoor belemmerd wordt. Hoe kunnen vrouwen dan inschatten of er sprake is van ‘normale’ menstruatiepijn of dat er mogelijk iets ernstigers aan de hand is, vraag je je misschien af.

Zeer pijnlijke maandstonden zijn gewoonlijk het eerste symptoom van endometriose, maar na verloop van tijd krijgen patiëntes ook op andere momenten in hun cyclus last van (hevige) buikpijn. Door de aanwezigheid van baarmoederslijmvlies buiten de baarmoeder kan er chronische pijn in het bekken, de onderrug en de buik ontstaan. Ook geslachtsgemeenschap kan voor vrouwen met endometriose pijnlijk zijn.

Immunologische stoornissen en klinisch endocannabinoïden tekort

Hoewel de aandoening voor het eerst in 1921 vastgesteld werd, tasten wetenschappers nog steeds in het duister wat de precieze oorzaak betreft. Erfelijkheid lijkt een rol te spelen. Vrouwen van wie de moeder, zus of tante aan endometriose lijdt hebben een grotere kans om de ziekte te ontwikkelen. 

Volgens een andere theorie zouden immunologische stoornissen betrokken zijn bij het ontstaan van de ziekte. Deze gedachte wordt ondersteund door de vaststelling dat (auto-)immuunziektes verhoudingsgewijs vaker voorkomen bij endometriosepatiënten. 

Verschillende studies hebben aangetoond dat THC, de psychoactieve stof afkomstig van de cannabisplant, het immuunsysteem ondersteunt. Als het vermoedelijke verband tussen een haperend immuunsysteem en het ontstaan van endometriose blijkt te kloppen, kan de toediening van THC – bijvoorbeeld in de vorm van olie – een preventieve werking hebben. Wanneer een patiënte al symptomen heeft zou THC-olie de voortgang van de ziekte kunnen afremmen. 

Tot slot wordt de ziekte in verband gebracht met een klinisch endocannabinoïdetekort. Na de hersenen bevat het vrouwelijke voortplantingsstelsel het grootste aantal cannabinoïde receptoren. Bij vrouwen die aan endometriose lijden blijken er minder CB1-receptoren in het weefsel van de baarmoederholte aanwezig te zijn. Dit tekort kan leiden tot de groei en verspreiding van buitenbaarmoederlijk slijmvlies en een toename van de pijnklachten.  

Zoals we inmiddels weten, bindt THC zich aan de CB1-receptoren van het endocannabinoïde systeem (ECS). Door de toediening van THC-olie worden de endocannabinoïde receptoren geactiveerd. Op die manier wordt het ECS hersteld en hervindt het zijn natuurlijke balans. 

THC-olie vermindert pijnklachten, ontstekingsreacties en sombere gevoelens

THC-olie bij endometriose

Endometriose is een ingrijpende ziekte die een grote impact heeft op het lichamelijke en mentale welzijn van patiënten. Bovenop de fysieke ongemakken kampen veel endometriosepatiënten met psychische aandoeningen zoals depressie en angststoornissen. 

Omdat THC een pijnverlichtende en ontstekingsremmende werking heeft, kan THC-olie gebruikt worden om de fysieke symptomen van de ziekte te behandelen.

Daarnaast heeft THC een gelijkaardige werking als het zogenaamde gelukshormoon serotonine. Op die manier draagt de cannabinoïde bij aan een positief humeur. 

Besluit 

Tot nu toe heeft de traditionele geneeskunde geen adequate remedie tegen endometriose gevonden. De huidige behandeling richt zich vooral op symptoombestrijding. Naast pijnmedicatie krijgen patiënten geregeld antidepressiva of medicijnen tegen angststoornissen voorgeschreven. Deze geneesmiddelen hebben echter bijwerkingen en langdurig gebruik kan schadelijk zijn.

THC-olie kan als natuurlijk alternatief voor pijnstillers en antidepressiva dienen. Bovendien heeft het een remmend effect op ontstekingsreacties. Als verder onderzoek de link tussen endometriose en het immuunsysteem – dat trouwens deel uitmaakt van het ECS – bevestigt, zou dat ten slotte betekenen dat THC-olie niet enkel de symptomen, maar ook de oorzaak van de aandoening kan aanpakken.

Tekst: Shanna Pettens

Door Shanna Pettens

Herhaaldelijk handen wassen, dwangmatig voorwerpen sorteren of tellen, telkens opnieuw controleren of de deur op slot zit,… zijn voorbeelden van obsessief-compulsief gedrag. Naar schatting 1 tot 3% van de Nederlanders ervaart een onweerstaanbare drang om bepaalde handelingen uit te voeren. Wanneer deze personen hun ‘rituelen’ om één of andere reden niet kunnen volbrengen, veroorzaakt dit angst en spanning.

Een obsessieve-compulsieve stoornis – ook wel dwangneurose, obsessieve compulsive disorder of kortweg OCD genoemd – wordt gekenmerkt door terugkerende, ongewenste gedachten (obsessies) en herhaalde, dwangmatige handelingen (compulsies). In veel gevallen beseft de patiënt dat zijn of haar gedrag niet werkelijk nodig is, maar desondanks veroorzaakt het idee om ermee te stoppen een gevoel van controleverlies en paniek. 

OCD komt meestal tot uiting tijdens de jonge volwassenheid. Meestal zijn de symptomen in eerste instantie vrij onschuldig, maar naarmate de patiënt ouder wordt en in tijden van stress verergeren ze vaak. De aandoening kan het dagelijkse leven van de persoon die eraan lijdt ernstig verstoren: ten eerste kan het uitvoeren van de dwangmatige handelingen erg tijdrovend zijn en ten tweede kan de stoornis een negatieve impact hebben op relaties, werk of studie.  

Het stellen van de diagnose OCD vereist de nodige expertise, aangezien obsessieve gedachten bij heel wat psychiatrische stoornissen voorkomen. Bovendien kan oncontroleerbaar gedrag eveneens een kenmerk zijn van een andere aandoening, zoals het syndroom van Gilles de la Tourette. Tot slot gaat een obsessieve-compulsieve stoornis vaak gepaard met andere psychische problemen zoals depressie, eetstoornissen en angststoornissen.

Om te bepalen of er sprake is van een dwangneurose stelt de arts vragen aan de patiënt. In sommige gevallen wordt er ook een lichamelijk onderzoek of een bloedproef uitgevoerd om een fysieke oorzaak of drugs- of geneesmiddelenmisbruik uit te sluiten. De ernst van de ziekte wordt gewoonlijk gemeten op een numerieke schaal die de impact van de gedachten en de handelingen op het dagelijkse leven meet. 

Een obsessief-compulsieve stoornis is moeilijk te behandelen en blijft meestal levenslang bestaan. Psychologische begeleiding en cognitieve gedragstherapie kunnen ondersteuning bieden om bepaalde reacties op angst te leren veranderen. In veel gevallen wordt er bijkomend antidepressiva voorgeschreven. Deze medicatie kan de symptomen verlichten, maar heeft vaak ongewenste nevenwerkingen. Bovendien is er een aanzienlijke kans op herval wanneer de toediening stopgezet wordt. 

Positief effect van CBD en THC bij ratten

Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat zowel CBD als THC een positieve invloed hebben op de symptomen van OCD. Een onderzoeksteam van de University of Sao Paulo School of Medicine testte het effect van CBD op ratten. In dezelfde periode vond er een andere studie plaats waarbij de proefdieren THC toegediend kregen. De onderzoekers stelden vast dat beide cannabinoïden een remmende werking op OCD-symptomen hadden. 

De Braziliaanse onderzoekers onder leiding van Dr. Francisco Guimarães voerden een test uit waarbij de ratten eerst een stof toegediend kregen om paniekaanvallen op te wekken. Vervolgens gaven de onderzoekers de dieren knikkers die ze onmiddellijk begonnen te begraven. Een handeling die bij deze knaagdieren als een uiting van obsessief gedrag beschouwd wordt. 

Daarna kregen de ratten CBD toegediend om te kijken of dit gedrag zou afnemen. Uit de resultaten bleek dat zelfs een zeer lage dosis van de cannabinoïde ervoor zorgde dat de obsessief-compulsieve handelingen verminderden. De onderzoekers leidden hieruit af dat CBD een mogelijk anti-compulsief effect heeft. Bovendien bevestigde de studie de bevindingen uit eerdere proeven.

Veelbelovende resultaten

Het effect van CBD en THC op compulsief gedrag werd tot nog toe enkel onderzocht bij ratten, waardoor we de bevindingen niet volledig kunnen doortrekken naar mensen die aan een dwangstoornis lijden. Desalniettemin kunnen de vaststellingen veelbelovend genoemd worden. Hopelijk wordt er in de toekomst nog meer onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van medicinale cannabis als natuurlijk alternatief voor antidepressiva bij de behandeling van obsessief-compulsieve stoornissen en andere psychiatrische aandoeningen.  

THC-olie maakt het leven van fibromyalgiepatiënten draaglijker

Door Shanna Pettens

(Ochtend)stijfheid, pijnlijke spieren en gewrichten zijn ongemakken die voornamelijk met (hoog)bejaarden geassocieerd worden. Nochtans zijn er ook jonge mensen en zelfs kinderen wiens dagelijks leven bemoeilijkt wordt door chronische pijnklachten en vermoeidheid. 

fibromyalgie en cannabis

In Nederland lijden naar schatting 340.000 personen aan fibromyalgie. Zo’n 80 à 90% van de patiënten zijn vrouwen. Waarom mannen minder vaak getroffen worden is vooralsnog onbekend. De ziekte wordt meestal vastgesteld in de leeftijdscategorie van 25 tot 45 jaar, maar de eerste symptomen kunnen ook al in de kindertijd of de adolescentie opduiken.

De naam van de ziekte omschrijft eigenlijk het ziektebeeld. Fibromyalgie betekent namelijk letterlijk ‘pijn in bindweefsel en spieren’. Andere veelvoorkomende symptomen zijn (ochtend)stijfheid, gemakkelijk spierpijn na inspanning, overgevoeligheid bij aanraking, geheugen- of concentratieproblemen en stemmingswisselingen die gepaard kunnen gaan met angstige of depressieve gevoelens. Daarbovenop kampen sommige patiënten met huidproblemen en spijsverteringsklachten.

Omdat pijnklachten het slaappatroon kunnen verstoren, lijdt een aanzienlijk aantal patiënten aan chronische vermoeidheid. Dit heeft niet enkel een negatieve impact op hun energiepeil overdag. Door het aanhoudende slaapgebrek maakt hun lichaam immers ook onvoldoende groeihormoon aan, waardoor spier- en bindweefsel zich minder goed herstellen. Op die manier belanden veel fibromyalgiepatiënten in een vicieuze cirkel.

Hoewel fibromyalgie al sinds 1976 officieel erkend is, bestaat er nog veel onduidelijkheid over deze chronische aandoening. Tot nu toe kon er geen duidelijke oorzaak achterhaald worden en in tegenstelling tot bij reuma worden er bij fibromyalgiepatiënten ook geen afwijkende bloedwaarden vastgesteld, noch zijn er aantoonbare afwijkingen van de spieren, de gewrichten of het bindweefsel te zien.

Onderzoekers vermoeden dan ook dat de oorzaak in de hersenen gezocht moet worden. Ze gaan ervan uit dat er iets misloopt bij de verwerking van pijnprikkels. Daarnaast zou er ook sprake zijn van een afwijkende aanmaak van de neurotransmitters endorfine en dopamine, die zowel het slaappatroon als de pijnbeheersing beïnvloeden.

Er bestaat geen geneesmiddel tegen fybromyalgie en de behandeling richt zich vooral op symptoombestrijding. Artsen schrijven hun patiënten vooral pijnstillers en slaapmedicatie voor en in sommige gevallen ook oxycodon, een krachtige pijnstiller die vaak gebruikt wordt bij hevige of chronische pijn. 

Dit medicijn kan de pijnklachten weliswaar verlichten, maar bij langdurig gebruik zijn er ook belangrijke nadelen aan verbonden. Zo kan er al snel gewenning ontstaan, waardoor patiënten steeds hogere doses moeten gebruiken om hetzelfde effect te bekomen. Bovendien worden er regelmatig nevenwerkingen gerapporteerd zoals duizeligheid, sufheid, slaapproblemen en obstipatie. 

Studie van het LUMC

Wetenschappers gingen op zoek naar een alternatieve behandeling. In 2017 startte het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) een onderzoek naar het effect van medicinale cannabis op fibromyalgiesymptomen. Tijdens de studie werd nagegaan hoe patiënten reageerden op de twee belangrijkste cannabinoïden uit de cannabisplant, namelijk CBD en THC.

Aan het onderzoek namen in totaal twintig proefpersonen deel. Er werden verschillende erkende metingen en tests uitgevoerd om een objectief beeld te krijgen van het effect van beide cannabinoïden op zowel de fysieke als de cognitieve en affectieve symptomen van de ziekte.

THC effectiever dan CBD

De deelnemers ondergingen onder meer een test waarbij de onderzoekers op één bepaalde plek op de hand drukten. Veel fybromyalgiepatiënten zijn namelijk overgevoelig voor aanraking en ervaren bij relatief weinig druk al hevige pijn. Aan de deelnemers werd gevraagd om aan te geven wanneer dit te pijnlijk werd. 

Uit de proef bleek dat de patiënten die een cannabisproduct met een hoog THC-gehalte gebruikt hadden duidelijk meer druk konden verdragen. Zij rapporteerden significant minder drukpijn in vergelijking met degenen die een product met een hoog CBD-gehalte of een placebo toegediend hadden gekregen.

Link naar het onderzoek:  Medicinale cannabis met veel THC verlicht pijn bij mensen met fibromyalgie • ReumaNederland

Druppels voor thuisgebruik

Uit de studie van het LUMC is dus gebleken dat THC veel effectiever is dan CBD om de pijnklachten van fibromyalgiepatiënten te verminderen. Bovendien heeft de psychoactieve component van cannabis een stress verlagend effect, het ontspant de spieren en bevordert een goede nachtrust. 

Dankzij THC-olie kunnen patiënten hun gebruik van slaap- en pijnmedicatie aanzienlijk terugschroeven of zelfs volledig achterwege laten. De olie kan eenvoudig toegediend worden met een paar druppels onder de tong en door de snelle werking ervaren de patiënten vrijwel meteen verlichting.  

THC-olie verlicht Prikkelbare Darm Syndroom-klachten

Door Shanna Pettens

Iedereen heeft wel eens ervaren hoe vervelend het is als je darmen van slag zijn. In de meeste gevallen is de boosdoener een bacterie of een virus en zijn de klachten van voorbijgaande aard, maar bij sommige patiënten houden ze veel langer aan. Wanneer iemand gedurende minstens twaalf weken buikklachten en ontlastingsproblemen (bijvoorbeeld verstopping of diarree) heeft, worden de ongemakken mogelijk veroorzaakt door een Prikkelbare Darm Syndroom (PDS). 

PDS is een verstoring van de functie van het maag-darmkanaal waarbij de dikke darm te veel of net te weinig bewegingen maakt. Hierdoor kan diarree of verstopping ontstaan. De aandoening valt onder de noemer ‘functionele buikklachten’, wat betekent dat de werking van de darmen verstoord is.

Naast pijn op wisselende plaatsen in de buik en problemen met de stoelgang, behoren gasvorming, een opgezette buik en vermoeidheid tot de meest gehoorde klachten. 

PDS is een veelvoorkomende aandoening. Minstens 10% van de Nederlandse bevolking zou eraan lijden. Vermoedelijk is dit een onderschatting van de werkelijke cijfers, want uit wereldwijd onderzoek blijkt dat circa 20% van de bevolking PDS-klachten zou kunnen hebben. De ziekte komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Maar liefst 75% van de patiënten zijn vrouwen. De ziekte kan zowel bij volwassenen als bij kinderen voorkomen.

De precieze oorzaak van PDS is onbekend, maar er zijn aanwijzingen dat de ziekte samenhangt met onder meer voedselallergieën of –intoleranties, stress, een verstoorde darmflora en een hormonale disbalans. Mogelijk speelt erfelijkheid eveneens een rol.  

Omdat er geen test bestaat die kan aantonen of iemand wel of niet aan PDS lijdt, wordt de diagnose gesteld op basis van de door de patiënt gerapporteerde klachten in combinatie met enkele onderzoeken (bloedafname, stoelgangsstaal of indien nodig een endoscopie) om andere ziektes uit te sluiten.

Verstoorde signalen

Bij ruim 60% van de patiënten met PDS zijn de zenuwen in de darmwand extra gevoelig. De ziekte wordt steeds vaker als een verstoring in de hersen-darm-as gezien, waarbij de darmen verstoorde signalen aan de hersenen doorgeven en vice versa. 

We weten intussen dat de reactie van onze hersenen op pijnprikkels samenhangt met ons endocannabinoïde systeem (ECS) en dat de cannabinoïde receptoren zich op verschillende plaatsen in ons lichaam bevinden, waaronder ook de darmen. Opkomende theorieën koppelen aandoeningen zoals PDS dan ook steeds vaker aan verstoringen van dit regulerende systeem.

Pijnstillend en stress verlagend

PDS is een chronische aandoening. Tot op heden is er geen remedie die de ziekte definitief kan genezen. De behandeling richt zich dan ook voornamelijk op het verlichten van de symptomen. Artsen raden hun patiënten meestal aan om hun levensstijl aan te passen en stress zoveel mogelijk te vermijden. Vooral dat laatste blijkt in praktijk geen eenvoudige opgave.  

THC, de belangrijkste psychotrope stof uit de cannabisplant, staat bekend om zijn stress verlagende werking. Bovendien zorgt de cannabinoïde ervoor dat onze zenuwen minder pijnsignalen aan de hersenen doorgeven. PDS-patiënten met overgevoelige zenuwen in de darmwand zouden daarom veel baat bij een behandeling met THC-olie kunnen hebben.

Herstelde balans

Tot slot kan THC het onevenwicht in het ECS herstellen. Het molecuul hecht zich aan de belangrijke cannabinoïde receptoren CB1 en CB2 en kan op die manier de darmbeweging reguleren die de klachten veroorzaakt. Wanneer de dikke darm zijn gezonde ritme heeft teruggevonden, zullen klachten zoals diarree, obstipatie en gasvorming vaak vanzelf verdwijnen. 

Door Shanna Pettens

Is cannabis legaal? Het antwoord op deze schijnbaar eenvoudige vraag is tamelijk ingewikkeld en genuanceerd. Ten eerste verschilt de wetgeving van land tot land. Iets wat in Nederland toegelaten is, kan in een buurland strafbaar zijn. Ook op nationaal niveau kan er onduidelijkheid bestaan omtrent de regelgeving rond het gebruik, het bezit en de verkoop van cannabis.

De Nederlandse drugswetgeving is gebaseerd op de Opiumwet van 1928 die stelt dat het bezit van alle soorten drugs, waaronder ook cannabis, verboden is. Anderzijds stelt diezelfde wet ook dat bepaalde etablissementen waar cannabisgebruik plaatsvindt – de zogenaamde coffeeshops – wel getolereerd worden door de plaatselijke autoriteiten, mits ze zich aan strenge regels houden. 

In buurland België wordt cannabis nog steeds als een illegale drug beschouwd. Dit houdt in dat er aan cannabisbezit en/of -gebruik een straf kan vasthangen, zowel voor minderjarigen als voor meerderjarigen. Anderzijds vond er bij de laatste aanpassing van de drugswet in 2003 wel een decriminalisering plaats, wat in praktijk betekent dat cannabisgebruik en -bezit door volwassenen de laagste vervolgingsprioriteit krijgt. De regelgeving is met andere woorden een typisch voorbeeld van een ‘compromis à la belge’.

Verbod leidt niet tot daling in gebruik

De situatie in België toont aan dat een verbod niet noodzakelijk tot een daling in gebruik leidt. Uit cijfers van Sciensano is namelijk gebleken dat het aantal 15- tot 64-jarigen dat ooit cannabis gebruikte tussen 2001 en 2018 verdubbeld is van één op de tien naar één op de vijf. Bovendien zegt 8% van de 15- tot 34-jarigen (bijna) dagelijks cannabis te gebruiken.     

Bron: Microsoft Word – ID_rapport2_HIS2018_NL_v3 (sciensano.be)

Risico’s van ongebreidelde handel

Omdat er in België geen coffeeshops zijn, kopen de meeste gebruikers hun voorraad bij een plaatselijke dealer. Op die manier is er geen sprake van (kwaliteits)controle. Men weet bijvoorbeeld niet hoe sterk de cannabis is. 

De laatste tien jaar worden er wel bepaalde tendensen opgemerkt: zo stellen we onder meer vast dat het THC-gehalte aanzienlijk gestegen is, waardoor de cannabis die nu in omloop is niet meer te vergelijken valt met de cannabis van pakweg twintig jaar geleden. 

Daarnaast zien we dat plantaardige wiet soms versneden wordt met synthetische cannabinoïden, wat het effect nog onvoorspelbaarder maakt. Want hoewel er aan plantaardige cannabinoïden veel gezondheidsvoordelen verbonden zijn, kunnen  stoffen van synthetische oorsprong, al dan niet in een te hoge dosering, risico’s inhouden. Personen met een bepaalde gevoeligheid kunnen last krijgen van paranoia of zelfs in een psychose belanden. 

Tot slot sluit ongecontroleerde handel de verkoop aan minderjarigen niet uit. 

Voordelen van legalisering

Tegenstanders opperen vaak dat legalisering en regulering gelijk staan aan de risico’s minimaliseren en zelfs cannabisgebruik promoten. Experts geven toe dat het tot een tijdelijke toename van het gebruik zou kunnen leiden, maar dat dat niet persé het geval hoeft te zijn. Overigens blijkt uit cijfers dat het cannabisgebruik de afgelopen jaren ook gestegen is in landen waar het nog steeds illegaal is. Kijk maar naar België. 

Bovendien weegt een mogelijke stijging in gebruik volgens deze experts niet op tegen de voordelen van legalisering en regulering. Het verkleint de risico’s, omdat de kwaliteit gecontroleerd kan worden en gebruikers gerichter geïnformeerd kunnen worden. Door voorlichting in de middelbare scholen te geven, kan je jongeren bijvoorbeeld waarschuwen om cannabis niet te combineren met alcohol.  

Gereguleerd aanbod

Legalisering vraagt om een gereguleerd aanbod. Over de manier waarop dit gerealiseerd kan worden, liggen er in België al een aantal ideeën op tafel. Mogelijk wordt cannabis in de (nabije) toekomst op voorschrift verkrijgbaar bij de apotheek of je kan je bevoorraden bij een gereguleerde overheidswinkel of een vzw die een vergunning heeft om wiet te verkopen (een gelijkaardig systeem als de Nederlandse coffeeshops).   

Voor welke optie er ook gekozen wordt, de kans dat België cannabisgebruik en -bezit in de komende jaren legaliseert is naar mijn gevoel groot. In het aangrenzende Groothertogdom Luxemburg is het trouwens al bijna zover: vanaf 2023 wordt de productie, de verkoop en het gebruik van cannabis gelegaliseerd. Dit zou een primeur binnen de EU zijn. 

Door Shanna Pettens

Tegenstanders beweren al decennialang dat cannabis hersencellen doodt. Ondanks dat recent onderzoek het tegendeel bewees, is deze misvatting wijdverbreid en leidt ze nog steeds tot vooroordelen en ongegronde angst. Net als ik vraag je je misschien af hoe deze fabel ontstaan is.

In de zoektocht naar antwoorden neem ik je mee naar de Verenigde Staten van de jaren zeventig voor een relatief recent stukje cannabisgeschiedenis dat doorspekt is met onorthodoxe onderzoeksmethoden, eenzijdige conclusies en politieke belangen. 

Hersenschade bij resusapen

In 1974 vroeg de pers aan de toenmalige gouverneur van Californië, Ronald Reagan, om een standpunt in te nemen in verband met het decriminaliseren van cannabis. Hij antwoordde dat ‘de meest betrouwbare wetenschappelijke bronnen’ stelden dat permanente hersenschade een onvermijdelijk gevolg van cannabisgebruik was.

Reagan verwees naar het rapport van Dr. Heath dat eerder dat jaar gepubliceerd was naar aanleiding van zeer dieronvriendelijke proeven met resusapen waarbij de proefdieren gedwongen werden om cannabis te roken. Tijdens die studie bonden de onderzoekers de apen vast in een stoel en deden hen een gasmasker om. Vervolgens pompten ze een grote hoeveelheid cannabisrook in het masker.

Het negatieve effect van de intensieve blootstelling aan de rook werd al snel duidelijk en na verloop van tijd overleden de proefdieren. Na hun dood werd er een dissectie van de hersenen uitgevoerd waarbij de dode hersencellen geteld werden.

Om het effect van cannabis op de hersenen goed te kunnen inschatten moesten de onderzoekers hun vaststellingen vergelijken met proefdieren uit de controlegroep die niet aan cannabis blootgesteld waren. Om de hersenen van de ‘niet-gebruikende’ apen te kunnen bestuderen werden gezonde proefdieren gedood, waarna er eveneens een dissectie van hun hersenen plaatsvond.

Het onderzoeksteam onder leiding van Dr. Heath stelde vast dat de cannabis rokende apen een enorm aantal dode hersencellen hadden in vergelijking met de niet-rokende proefdieren. Volgens het rapport was het cannabisgebruik het enige verschil tussen beide groepen. 

De onderzoekers concludeerden dat de vastgestelde hersenschade enkel aan het cannabisgebruik te wijten kon zijn. De resultaten van de studie werden vervolgens doorgetrokken naar mensen en dat leidde tot de aanname dat cannabis een reëel gezondheidsrisico vormde.

Verstikking en CO-vergiftiging als werkelijke oorzaak

In 1980 kreeg de National Organisation for the Reform of Marijuana Laws (afgekort NORML) na zes jaar procederen eindelijk de toestemming om het beruchte rapport in te kijken. De organisatie, die zich al sinds 1970 inzet voor de legalisering van cannabis voor zowel medisch als niet-medisch gebruik, huurde onderzoekers in om de gerapporteerde resultaten en de gebruikte methodologie onder de loep te nemen.

Al gauw bleek dat de gasmaskers die de apen tijdens de proeven droegen geen rook verloren, waardoor de proefdieren de uitgeademde rook opnieuw inademden en zo te weinig zuurstof binnenkregen. Zuurstofgebrek veroorzaakt al na enkele minuten hersenschade en kan dus het grote aantal dode hersencellen bij de proefdieren verklaren. 

De onderzoekers van de NORML ontdekten bovendien dat de apen tijdens de proeven niet enkel cannabisrook, maar ook koolstofmonoxide (CO) inademden. CO staat bekend als een sluipmoordenaar. Het kleur- en geurloze gas wordt afgegeven door ieder brandend voorwerp en doodt bij inademing hersencellen. In het onderzoeksrapport van Dr. Heath werd deze parameter nergens vermeld.

De door NORML aangestelde wetenschappers concludeerden dat het afsterven van de hersencellen bij de proefdieren meer te maken had met zuurstofgebrek en CO-vergiftiging dan met cannabis. Het feit dat deze factoren in Dr. Heaths rapport volledig buiten beschouwing gelaten werden, had een negatieve impact op de geloofwaardigheid. 

De kans dat Dr. Heath bepaalde parameters opzettelijk uit zijn verslag wegliet, is groot. Inmiddels is aan het licht gekomen dat onderzoek naar de schadelijke effecten van cannabis destijds door overheidsbureaucraten gesponsord werd. We kunnen dus stellen dat de resultaten van zulke studies vaak ‘gekleurd’ waren door politieke belangen.

Recenter onderzoek toont het positieve effect van cannabinoïden op de hersenen aan

In het begin van de 21ste eeuw werd het effect van cannabis op de hersenen opnieuw bestudeerd. In tegenstelling tot wat er voordien beweerd werd, is gebleken dat zowel THC als CBD het ontstaan van nieuwe zenuw- en hersencellen stimuleren.

De celgroei vindt plaats in hersengebieden die geassocieerd worden met leren en geheugen, alsook met angst en depressie.

In een volgend artikel zal ik hier dieper op ingaan…